Zwitserland

On 18/06/2017, in blog, by Enzo

Twee weken crimpen op graniet, terwijl ik het eigenlijk niet verstandig is… Begin van dit jaar maakte ik al plannen om mijn seizoen in Zwitserland af te sluiten. Maar kort voor vertrek blijkt m’n vinger niet helemaal in orde. Toch kijk ik uit naar de trip. Grote doelen laat ik varen, maar bekijk wel veel filmpjes vooraf. Vooral om vingervriendelijke boulders te vinden. Met een lijstje vooraf en wat zoeken eenmaal ter plekke, heb ik me goed vermaakt en m’n vinger niet meer stukgemaakt dan dat ‘ie al was.

Klimmen in een andere omgeving werkt altijd verfrissend. En het is altijd leuk om oude vrienden weer te zien. Ik begin m’n trip in Luzern, bij Barti en Tabea. Een jaar of vijftien geleden ontwikkelde Barti het boulderen in Engelberg. Ze laten hun thuisgebied graag aan me zien!

Topcondities in Engelberg. De boulders van m’n lijstje lukken allemaal. En wat een mooie omgeving. Hier de vallei van ver. De Fuchstein (met onder andere Eitelkeit) is de grootste boulder in het midden van de vallei. Vanaf hier nog 20 minuten lopen.

Opwarmen op de Molotov-boulder, met daarachter de Fuchstein.

Na een zeer uitgebreide warming-up lukt Barti’s Lieblingslaster Eitelkeit me snel. Meer compressie dan echt crimpen en echt mooie passen. Helaas geen top-out, maar ok; dat heb je in Zwitserland wel meer. Thuis had ik al wat fotootjes van Nilpferd gevonden. Dat lijkt een echte een compressieboulder. En inderdaad; erg mooi én een top-out! Ik moet er iets harder voor werken dan voor Eitelkeit, maar tik ‘m ook snel binnen. Een lekkere eerste klimdag! Tijd om door te gaan naar Magic Wood.

In de zomer van 2009 was ik al eens in Magic Wood geweest, maar veel kan ik me niet meer herinneren. Met m’n lijstje vingervriendelijke boulders in de hand m­aak ik na aankomst een rondje door het gebied. Uiteindelijk kom ik zo tot een definitieve prioriteitenlijst. Bovenaan staat Body Count. Die is vingervriendelijk en ik heb ‘t idee dat ik ‘m snel kan klimmen.

Ook UG2 staat op m’n lijstje. Flink crimpen met rechts, maar met strak tapen, één keer doorzetten en daarna meteen koelen, kom ik gelukkig goed weg. Inmiddels heb ik dan ook al twee dagen gewerkt in Body Count, die toch lastiger is dan dat ik had ingeschat. Na een rustdag kom ik dichtbij, maar moet op tijd stoppen. Die avond treedt Barti op in Zürich. Dat wil ik wel zien. En daarna neem ik Barti en Tabea voor ’t weekend mee terug naar Magic Wood, waar ook Kati (ook uit de Grampians) inmiddels is aangekomen.

Buandik Magic Wood.

Na een korte nacht voel ik me niet heel fris. We beginnen de dag in Minisex, Kati’s project. Ik krijg ‘m eruit geperst, maar heb weinig hoop voor Body Count. De eerste pogingen zijn slecht en tot twee keer toe overweeg ik te stoppen. Maar als de anderen hun klimschoenen aantrekken om de passen te proberen, wil ik toch weer meedoen. Iedere poging gaat beter, tot ik de sprong weer mis. M’n huid is bijna door… Als ik zelf niet meer geloof dat het die dag nog gaat lukken, weet Barti me toch te overtuigen om door te gaan. Kati checkt of m’n hak goed ligt. De knijper. En de sprong. Dit keer op de goede plek. Barti, Tabea en Kati schreeuwen me door het einde. Toch nog!

De laatste dagen in Magic Wood doe ik rustig aan. Ik heb nog te weinig tijd om aan iets moeilijks te beginnen en ik wil nog wat meer boulders zien dan Body Count en UG2. Daarom kies ik wat dagprojecten uit. En als ik Barti en Tabea weer op de trein zet maken we plannen voor de laatste dagen van mijn trip. Ik zie ze nog in Luzern. Ze vertellen over een boulder bij de Gotthardpas, waar we prima een dagje naartoe kunnen. Maar de beschrijvingen doen geen belletje rinkelen. Tot de naam valt: Dulcifer. Die ken ik wel! De laatste dagen in Magic Wood weet ik dus ook dat ik ook nog wat energie over moet houden..!

Barti in Slip Slap Slop en Kati in Minisex, haar eerste 7c!

Dulcifer ligt een uurtje ten zuiden van Luzern. Maar omdat het die dag mogelijk gaat regenen, zijn Barti en ik er al vroeg bij. Er is genoeg bewolking en de staande start lukt me in een paar pogingen. De passen van de zit gaan ook snel. Dat voelt niet veel harder. Ik doe een paar pogingen, maar dan komt de zon er toch in… De regen is inmiddels verdwenen van de radar. Noodgedwongen wacht ik een uur. Maar m’n pauze is te lang. Als ik weer instap, ben ik afgekoeld en is de rots juist opgewarmd. Een paar pogingen later blijkt de energie op… De laatste dag in Engelberg ben ik ook niks meer waard. Zelfs een 7a+ kom ik niet meer door. Maar m’n trip is meer dan geslaagd!

Voor m’n vinger heb ik de hele trip de juiste boulders uit kunnen zoeken. Daardoor lijkt het alsof er niets aan de hand is. Maar als ik af en toe moet doorcrimpen om er wat uit te persen – zoals UG2 of de laatste pas van Fight Club – dan is het des te voelbaarder. Van de ene kant vind ik het jammer dat ik niet meer heb kunnen proberen deze trip. Maar van de andere kant; dat was het misschien ook niet waard. Ik ben blij dat ik achten heb kunnen klimmen, ondanks m’n vinger, en kijk ernaar uit het volgende seizoen blessurevrij te beginnen!

Op m’n laatste dag klim ik niet meer. Ik ben gesloopt en het is slecht weer. Regen betekent wel een goede flow voor Barti; net terug van vier maanden surfen in Australië. Maar waarom stoppen als je ook in Zwitserland door kunt gaan! Na barti’s surfsessie rijd ik door naar Zürich voor een bezoekje aan Ties. Dat was lang geleden! En het is natuurlijk Ties die me weet over te halen tot dit soort dingen…

Tot slot de lijst:

Engelberg
21/5 Lieblingslaster Eitelkeit 7c+
21/5 Nilpferd 7c

Magic Wood
24/5 UG 2 8a
27/5 Minisex 7c
27/5 Body Count 8a
29/5 Rythmo 7c+
30/5 Fight Club 7c
31/5 The Gift 7c

Schöllenen
2/6 Dulcifer stand 7c+
2/6 Fat Devil 7c

 

Seizoensafsluiter 2016/2017

On 07/05/2017, in blog, by Enzo

85 dagen (van juli 2016 t/m april 2017)
14 keer op en neer
92 nieuwe 7+8en (totaal 1053)
3x 7c+, 4x 8a, 1x 8a+, 1x 8b

Weer een seizoen voorbij.

Een seizoen waarin ik me voor het eerst sinds lange tijd weer échte doelen stelde. Dat hielp. Met m’n eerste 8b in januari als absolute highlight. Daarmee is seizoen 2016/2017 meer dan geslaagd. En toch bleven er ook dingen liggen… Zeker voor Sanne.

In het begin van het seizoen nam ik me voor te focussen op boulders vanaf 7c+. Welke boulders dat waren, wist ik toen nog niet. In september een beetje oriënterend. Maar al snel kwamen de projecten op m’n pad. Partage eerst. Bleu Sacré daarna. M’n piek lag duidelijk in november, december, januari en februari. Niet alleen omdat ik toen m’n moeilijkste boulders klom. Het klimmen ging toen echt makkelijk. Alles tot en met 8a voelde in die periode heel oké en lukte snel. 31 en nog nooit zo fit geweest? Misschien wel.

Maar toen het voorjaar aanbrak, liep ik tegen een grens aan. Taipan lukte niet. Het werd een mentale struggle. Ik ging vaak terug, maar merkte dat ik meer op frustratie dan op motivatie klom. Dat werkte averechts. Na talloze sessies besloot ik ‘m te laten rusten. In ieder geval tot volgend seizoen. Had ik eerder moeten doen. Want mede door Taipan klom ik in maart niet echt wat noemenswaardigs.

In maart ging ik ook weer op zoek naar nieuwe projecten. Ik probeer veel, maar vind niet nog een project zoals ik eerder in het seizoen had. In april gaat de zoektocht verder. Maar ondertussen heb ik een paar pijntjes opgelopen. In m’n vinger en m’n elleboog. Ik merk dat ik moet opletten. Heeft de boog soms te lang gespannen gestaan? Ik probeer nog wat achten (o.a. Il Niño, Sauruman en Illusion du Choix), maar klim uiteindelijk alleen een paar 7c’s. Iets dat ik dit seizoen eigenlijk niet meer (bewust) wilde doen. Maar toch zoek ik ze op. Ook omdat ik de boulder waarvoor ik écht gemotiveerd ben niet vind.

Elephunk stond nog op m’n lijstje, maar de laatste twee weekends in april kon ik ’t niet opbrengen. Ik merk dat ik een tandje moet afschakelen, en dat de moeilijkere boulders – in tegenstelling tot in de winterperiode – nu ook weer moeilijk voelen. Daarom probeer ik liever even dingen met anderen, in plaats van in m’n eentje onder Elephunk te kruipen.

Sanne gaat er nog wel vol voor. Na de beklimming van God Save my Finger was zij juist in de wintermaanden op zoek naar iets nieuws. In maart ontdekt ze La Cicatrice de l’Ohm. De passen lukken al na een paar sessies. En dan lukt de boulder in drie delen. En dan in twee. En dan is het nog maar een paar passen tot het einde. En dan hangt ze ineens aan het eindrandje… De moeilijkheden zijn voorbij, maar Sanne is leeg. Alleen nog de mantle. Zesdegraads… Wat zonde!

De mentale verwerking kost tijd. Zeker omdat het seizoen voorbij is. De passen zitten er zo goed in, maar voorlopig gaan we niet terug. Toch overwegen we even om nog een heel kort tripje te doen een weekend later, speciaal voor Cica. Maar na lang dubben, schuift Sannes tweede acht toch op naar volgend seizoen…

Geen afsluiter in mei dit keer dus. In plaats van naar Bleau, ga ik eind mei nog tweeënhalve week naar Zwitserland. Maar tijdens het laatste weekend Bleau begin ik me zorgen te maken. De pijn in m’n vinger wordt steeds erger. Na een klimsessie voelt m’n vinger dik. En druk op m’n onderste kootje doet echt pijn. Ondertussen ben ik naar de Nederlandse klimfysio geweest. M’n elleboog blijkt een ‘klimmerselleboog’ te zijn. En m’n vinger een ontstoken peesschede. Gelukkig is er niets kapot. Maar ook dit heeft wel wat maandjes nodig.

In Zwitserland moet ik oppassen en waarschijnlijk iets rustiger aandoen. Jammer. Maar ik probeer er nog wel wat uit te persen. Na Zwitserland houd ik m’n jaarlijkse zomerpauze. Om daarna hopelijk weer redelijk fris op te bouwen voor volgend seizoen. Voor Illusion. Taipan. Elephunk. En wie weet wat nog meer! Eén ding is me dit seizoen in ieder geval (opnieuw) duidelijk geworden: een concreet doel voor ogen hebben helpt en is super motiverend!

 

Niet zoals gepland

On 19/03/2017, in blog, by Enzo

Negen dagen Bleau, acht daarvan goed weer. En toch niet echt iets moeilijks geklommen. Het lukte niet. Meer dan tien keer klom ik Taipan tot de laatste pas. Volledig uitgeduwd hing ik in de mantle. En keer op keer voelde de linker sloper aan als een blok zeep. Onmogelijk om m’n voet omhoog te krijgen. Dat kwam m’n motivatie niet ten goede. Want toen ik Taipan voor het eerst probeerde, klom ik ‘m al bijna. Ik zipte toen uit de mantle. Het voelde heel makkelijk. Daarna kwam ik vier keer terug om ‘m af te maken; eind februari twee keer en afgelopen week twee keer. Telkens zonder progressie. Dat is me nog nooit gebeurd. M’n huid wordt heel dun. De zweetdruppeltjes die door m’n roze vingertoppen komen, helpen ook niet mee. De hele week klim ik op diep roze toppen. Dat was lang geleden. Andere projecten die ik had willen proberen, moeten daardoor ook wachten. Met deze dunne huid kan ik niets anders dan een tandje afschakelen. Ik klim gelukkig redelijk wat makkelijkere zevens – en dat was ook al even geleden!

Wat oud materiaal – Sanne in 36.15 Power in de kou van januari – en wat nieuws; Mister Freeze in de voorjaarszon afgelopen week.

Sanne had de vorige keer even een motivatiedip, maar hervindt ‘m deze keer. Projecten in Cicatrice de l’Ohm gaat heel goed. Die moet kunnen!

 

Begin februari ben ik een weekend in Bleau met m’n ouders. Voornamelijk om te helpen klussen; de keuken is het laatste dat we nog moeten aanpakken na de overstroming in juni vorig jaar. Ik kom één middag aan klimmen toe. In Apremont probeer ik Taipan. Anderhalf jaar geleden had ik ‘m al eens kort geprobeerd en nu had ik goede hoop ‘m in één sessie te klimmen. De uitklim is een op zichzelf staande 7b. Een hele harde. Maar als ik de methode heb en ik durf door te zetten – de afsprong is een beetje spannend – lukt het snel. De beginpassen van Taipan leveren ook geen problemen op. En dan, poging na poging kom ik eruit op de mantle. In m’n beste poging sta ik al bijna op het blok als m’n voet zipt. Poging na poging. Tot ik te moe ben om ‘m af te maken…

Werken aan een nieuwe keuken.

Gelukkig ben ik een week later weer in het bos.

Op dag één is het mistig en vochtig. Taipan – een noordwandje – zal wel nat zijn. We kiezen daarom voor Mont Pivot, waar Sanne Pancras wil checken. Die is mooi droog! De volgende dag is het weer mistig, maar het trekt al vroeg open. Een hele mooie dag. Toch ga toch naar het noordwandje van Taipan, waar géén zon komt. Het begingreepje is vochtig, de rest krukdroog. De mantle lukt snel nog een keer. Maar als ik wil instappen, knal ik van het begingreepje. Toch de nat? Ik hoef maar één keer door de beginpas te komen om ‘m uit te klimmen… Dat lukt, maar ik strand met een klamme hand op de mantle. Dat motiveert niet. Ik kan beter stoppen en iets anders gaan doen. Zeker op zo’n mooie dag.

Werken in Taipan. Dat had eigenlijk afmaken moeten zijn…

Sanne leest een boek in de zon, terwijl ik de nieuwe boulders Sauruman en Miss Tick bekijk. Sauruman ziet er mooier uit, maar Miss Tick heeft meer grepen. Om weer een beetje warm te worden, kies ik voor die tweede. En als steeds meer passen lukken, zet ik door. Na zo’n anderhalf uur werk sta ik op het blok. Niet onaardig, maar Sauruman zal wel mooier zijn. Die heb ik nog te goed. Rond vier uur stapt Sanne – warm geworden door de zon – Noir Désir in. Wederom een goede werksessie.

Op zondag is Cuisinère droog. Sanne probeert Footrix; afmaken lukt niet. Ik heb hoop op Taipan. Maar de begingrepen zijn nog steeds een klein beetje klam. En wederom kom ik met een licht vochtige hand op de laatste sloper aan. Dat gaat toch echt niet. Er zit niets anders op dan terug te komen als het een keer echt droog is. En ‘m dan snel intikken.

Werken in Footrix.

De laatste twee dagen van onze vijfdaagse trip zijn bewolkt. Af en toe valt er een spatje regen. Alleen op Rempart vinden we droge blokken. Sanne – het hele weekend al in de werkmodus – spendeert twee middagen in Big Golden. Ik hoop op beter weer in maart. Want naast Taipan, wil ik ook wel eens kijken in Elephunk.

 

Bleu Sacré

On 31/01/2017, in blog, by Enzo

In 2005 klom ik m’n eerste 8a. Begin 2009 m’n eerste 8a+. En zo klim ik al dik tien jaar ongeveer op hetzelfde niveau. Toen ik in 2010 een half jaar naar de VS ging, nam ik me voor om daar m’n eerste 8b te klimmen. Maar eenmaal daar liet ik dat plan weer varen. Er was te veel moois om me te focussen op dat ene nummertje. Ik kwam terug met tien achten, maar geen 8b.

In Australië was ik dichtbij. Het is inmiddels 2014 en voor het eerst focus ik me echt op een 8b. Doordat de Northern Grampians gesloten zijn, kunnen we alleen in het zuidelijk deel van het park terecht. Daar ligt een van de mooiste boulders van Australië: Cherry Picking. Ik begin met projecten en het verhaal is bekend. Negen sessies, talloze keren op de eindpas eruit en met lege handjes terug naar huis.

In het bos maakte ik geen echt werk van 8b. Het meest serieus probeerde ik Ubik assis, maar die ging eind november weer onderaan de lijst, mede vanwege last van m’n pols. Sideways Daze stapte ik wel eens in, maar nooit echt serieus. En L’Apparemment bas probeerde ik ook een paar keer. Daar bleef het bij. Ik haalde de afgelopen jaren veel voldoening uit moeilijke zevens en af en toe een acht. Uitdagend genoeg en ook genoeg boulders om te proberen. Totdat de voorraad zevens kleiner en kleiner werd. Ik moest wel gaan projecten!

Dat begon met Partage. Begin oktober begon ik eraan, eind november maakte ik ‘m af. Op zoek dus naar een nieuw project. Ondertussen klim ik een aantal 8a’s. Ze gaan steeds makkelijker. Dat moet toch een goed teken zijn! Begin december besluit ik terug te gaan naar Bleu Sacré. Ik was er toevallig bij toen Antoine Vandeputte ‘m opende in 2010. Dat maakte toen al indruk. In oktober 2015 probeerde ik ‘m voor het eerst. Ik kon toen nauwelijks een pas maken, maar zette ‘m wel op de projectenlijst.

Begin december ging het beter. Maar er moesten nog zes intensieve sessies aan te pas komen, voordat ik m’n eerste 8b kon binnentikken… Twee daarvan waren eind december. Het lukt me dan alle passen te maken. De volgende dag ga ik terug. Sessie vier. Ik ben moe, maar als ik vermoeid passen kan, lukt het zeker als ik fris ben. En jawel, wederom maak ik alle passen.

Eind januari zijn we weer tien dagen in Bleau en ik zet vol in op Bleu Sacré. Ik weet dat ik het kan. Maar mogelijk heb ik een lange adem nodig om het daadwerkelijk te doen. De condities zijn perfect. Koud, zonnig en droog. Bijna té koud. Opwarmen is moeilijk. Door de vele passen worden m’n handen in de boulder uiteindelijk toch weer koud. Mijn spieren lijken snel leeg.

In m’n vijfde sessie kan ik ‘m klimmen in twee overlappende delen. In sessie zes val ik hoog en constateer een kleine split in m’n linker wijsvinger. Ik moet hoe dan ook een dag rusten. Hopen dat m’n vinger ook heelt in een dag… Of worden het twee rustdagen?

Als ik na één rustdag naar de voorspellingen kijk, weet ik dat ik ervoor moet gaan. Voor de dag erna geeft WeatherPro bewolking, mist en een hoge luchtvochtigheid aan. Maar m’n split is nauwelijks dicht… Met het risico om ‘m weer open te trekken, ga ik toch. Ik werk het einde nogmaals uit en verfijn m’n beta. Vervolgens heb ik twee hele goede pogingen, maar het zijn kleine foutjes die me weer terug op de mat zetten. Die foutjes waren kennelijk nodig om de beta nóg beter in m’n hoofd te krijgen…

M’n wijsvinger houdt het nét. Ik moet weer een dag rusten, terwijl ik super dichtbij ben. Dat kost me mentaal meer energie dan ik had gehoopt… De dag erna is het inderdaad mistig en koud. We doen een rondje Bleau. Veel mist is aangevroren op de blokken. Ik ben bang voor morgen.

De volgende dag is het steenkoud – gevoelstemperatuur van -6, volgens m’n app – en er is geen zon. Maar ik voel me goed en de boulder ligt er mooi bij. Klaar voor sessie acht. Als ik tijdens het opwarmen andere blokken aanraak, zijn ze spekglad. Toch aangevroren mist! Gelukkig lijkt Bleu Sacré wel ijsvrij. In m’n eerste poging kom ik meteen weer hoog, maar m’n rechterhand zipt van het ruggetje. Glad? IJs? Of juist te droog? Ik zie ‘m alweer bijna door m’n vingers glippen, maar dwing mezelf m’n concentratie vast te houden.

Goed poetsen, bijna een half uur rusten (en rondrennen) en nog een keer. Mooi om te merken hoe passen die eerst bijna onmogelijk leken, ineens vloeiend gaan. Zelfverzekerd klim ik voor de zoveelste keer naar het ruggetje. Bijpakken met de duim eronder. Het zijgreepje. Niet zippen… En de rand. M’n eerste 8b, in Fontainebleau nog wel!

 

Nieuw project

On 04/01/2017, in blog, by Enzo

Aan het begin van dit seizoen nam ik me voor me te focussen op moeilijkere boulders. Ik klom de afgelopen jaren een hoop 7c’s. Inmiddels zijn dat er 127 (in Bleau). Vanaf daar wordt de piramide smaller. De focus moet dit seizoen dus liggen op boulders vanaf 7c+. Of misschien zelfs wel 8a. Meer projecten!

Tot nu toe pakt dat voornemen goed uit. De oplettende kijker ziet misschien nog een aantal 7c’s op m’n lijstje staan; bijvangst is natuurlijk altijd mooi meegenomen. Maar sinds ik de 1000 ben gepasseerd, is kwantiteit geen doel meer. Na Partage wilde ik weer een nieuw project en begin december werkte ik sinds lange tijd weer eens in Bleu Sacré. Dat zou ‘m weleens kunnen worden!

De eerste 4 dagen van de kerstvakantie is het slecht weer. En als het op dag 5 beter wordt, lijkt het toch verstandig een sneldrogende boulder uit te kiezen. Van Michiel hoorde ik dat Le Vent dans la Plaine goed droogt en mooi klimt. Het is ook nog 8a, dus dat past binnen m’n plan. Erheen dus. Na een lange sessie met Chiel lukt afmaken net niet. De volgende dag komen we terug. Warm worden gaat moeizaam, maar eenmaal warm lukt het gelukkig snel.

Eindelijk mooi weer. In de ochtend wat mist, maar al snel wordt het blauw.

Zelfs zon in het donkere Demoiselles.

Ook al blijft het mooi weer, ik besluit na lang dubben om toch een rustdag in te plannen. Vers naar Bleu Sacré geeft het meest realistische beeld. Vanuit daar kan ik verder plannen.

Het nieuwe werken in Bleu Sacré. Eenvoudig halverwege instappen en alle passen checken. Ideaal. Na een lange sessie kan ik alle passen maken. Ik kan ‘m klimmen!

Ondanks de vermoeidheid ga ik op 31 december – m’n laatste klimdag – terug naar Bleu Sacré. Als ik in vermoeide staat wat kan, lukt het zeker als ik vers ben. Uiteindelijk maak ik weer alle passen. Het vertrouwen is er. In januari kom ik zeker terug!

Ima – voor een paar weken terug in Europa – onderhoudt haar crack-skills.

Oudjaarsdag: steenkoud.

 

Sanne eerste 8a, Enzo duizend 7+8’en

On 18/12/2016, in blog, by Enzo

Na de beklimming van Partage wilde ik weer een nieuw project. Bleau.info afspeuren helpt dan maar ten dele – de aanwas nieuwe achten is niet heel groot. En de lijnen die ik écht wil klimmen, ken ik al. Toch kan een nieuw filmpje of een herhaling voor wat extra motivatie zorgen. Soms kijk ik voor twee. Iets op randjes, zonder al te verre passen? Dat zou iets voor Sanne kunnen zijn. Zo kwam ik toevallig God Save My Finger tegen. Een recente herhaling bracht ‘m onder mijn aandacht. Maar niet voor mezelf…

In de eerste sessie maakt Sanne alle passen al. Ik heb vertrouwen dat het gaat lukken in één sessie. Maar de crimp power is uiteindelijk toch op. Op een slechte dag gaan we nog eens terug. De boulder is niet in topconditie en Sanne komt niet door de eerste passen heen. Gelukkig schijnt na een rustdag de zon weer een beetje. Dat geeft motivatie. En na wat opwarmpogingen is het al snel raak. Sannes eerste 8a. En nog in Bleau ook!

Ik heb drie boulders op mijn lijstje voor de week: Partage assis, Proueptologue en Bleu Sacré. Op een mistige dag, waarop bijna alles nat is, probeer ik Proueptologue, samen met Jesse. De wrijving is perfect. En na een flinke werksessie kan ik ‘m ook meteen afmaken. Precies m’n duizendste 7+8 in Fontainebleau.

Partage assis is een ander verhaal. De staande start zit er nog goed in, dus ik wil snel de zitstart checken. Op dag 1 is alles klam in Buthiers. Toch kan ik een paar passen aanvoelen. Die gaan wel. Als we halverwege de week terugkomen is de boulder droog. Maar al snel kom ik erachter dat ik toch niet zo blij word van de zitstart. De motivatie om een mooie lijn te klimmen, blijkt groter dan de motivatie om een 8b te doen.

Bleu Sacré gaat wel zoals ik wil. Beter dan de laatste keer dat ik ‘m probeerde – oktober 2015. Hier en daar maak ik wat linkjes. Maar ik ben snel moe. Een dag eerder probeerde ik ook al Kheops. En waar meerdere 7c’s per dag geen probleem zijn, voelt dat bij 8b’s toch anders. Daar word je echt moe van! Toch wil ik na de sessie in Bleu Sacré nog even naar Opération Plats du Désert, aan de overkant van de weg.

Links Opération Plats du Désert. Toen ik de filmpjes zag dacht ik: dat is max 7c. En zo ga ik wel vaker de mist in met filmpjes waarop dingen er makkelijk uitzien… 8a is toch wel op z’n plek. Afmaken lukte niet meer op de eerste middag. En bij terugkomst – na een rustdag – moest ik erg diep graven om ‘m eruit te persen. Rechts Furia. Even een 7c tussendoor – dacht ik. Na een half uur mis ik de eindgreep. En na bijna twee uur en nog een keer of vijf met de eindgreep in m’n hand, wil ik bijna opgeven. Uiteindelijk lukt het alsnog. Nét.

Conclusie: Als m’n rechter ringvinger het weer iets beter doet – pijntje van het Moon Board – serieuzer werken in Kheops. Binnenkort al terug naar Bleu Sacré, lekker laten slijten. En Partage assis, die gaat van de lijst. Over een paar dagen weer terug!

Sanne zat ook niet stil na God Save My Finger. Links in Mur Cordier. Eclipse (rechts) moest er bijna aan geloven. Voor de volgende keer.

 

Partage

On 30/11/2016, in blog, by Enzo

Een van dé king lines van het bos; imponerend, hoog en hard. Een boulder waarin balans, precisie, lichaamspositionering en kracht samen komen. En als je het helemaal goed doet, voelt het niet eens zo moeilijk. Precies wat boulderen in Bleau zo mooi maakt!

De afgelopen twee maanden reed ik acht keer naar Buthiers. Drie keer waren de condities goed. Twee keer was de boulder nat. En meer dan eens werkte ik erin met slechte condities. Dat heeft toch z’n vruchten afgeworpen.

Als we op vrijdag naar buiten kijken is het zwaar bewolkt. Geen Partage-dag…. Gelukkig gaat L’Enfer des Zombies snel. Een verplicht nummertje van de lijst. De regen van die avond zorgt ervoor dat alles op zaterdag nat is. Zonder wind droogt er niks… Zondag begint mistig, maar het is kouder dan de dagen ervoor. Daardoor heb ik goede hoop.

En jawel, het vochtige dalletje van Partage is droog! Na twee pogingen realiseer ik me dat de condities toch beter kunnen. Ik verdring de gedachte weer; dat is een te makkelijk excuus. Ik weet dat ik ‘t kan. En dat ik succes moet afdwingen.

Waar ik tijdens het uitwerken van de top nog zipte na de tweede pas, blijft m´n voet nu staan. Omhoog komen, de sloper en dan het gat. Ik heb zelfs over. Voorzichtig doorschuifelen en dan de bak! Project in de pocket.
 

Partage again…

On 02/11/2016, in blog, by Enzo

Partage afmaken. Dat was het doel voor afgelopen weekend. Op vrijdag spreek ik af met Conor. De condities zijn niet optimaal, maar al snel maak ik alle passen weer. En met een klein duwtje door de eerste pas klim ik zelf tot de zijgreep helemaal bovenin. Uitklimmen kon wel, maar door de slechte condities zet ik nog even niet door. Dat doe ik in de poging wel!

schermafbeelding-2016-10-30-om-20-27-24

Ik moet hard persen en mis de tweede pas op een haar na. Zelfde highpoint als de vorige keer. Ik besluit te stoppen en de volgende dag terug te komen. De condities kunnen veel beter.

Dat zijn ze helaas niet, de volgende dag. Weer hetzelfde highpoint, maar met veel meer moeite. Als ik voor de tweede keer van het beginrandje klap, weet ik dat ik moet stoppen. Ik had maar één doel voor ogen, dus weet niet zo goed wat ik wil doen… Bart en Dennis zijn bij Enfer des Zombies. Ik heb niet z­­­o’n zin in de boulder, maar samen klimmen is leuker dan alleen. Dus toch maar erheen, half gemotiveerd. Na twee uur vind Dennis de methode. Bart klimt ‘m daarna snel. Mij lukt het niet.

Op zondag is het strak blauw. Weer met goede moed naar Buthiers. Bart en Dennis zijn er ook. Maar al bij het opwarmen voelen we nattigheid. Ook Partage is klam. Na twee pogingen weet ik genoeg: toch maar Zombies afmaken. Ik vind het moeilijk om m’n focus te verleggen. Het voelt als een troostprijs, waarvoor ik niet écht gemotiveerd ben. Toch wordt het een lange sessie. Het lukt op een haar na niet, maar het maakt me niet heel veel uit. Ik maak ‘m nog wel eens af. De volgende keer in ieder geval eerst weer Partage.

 

Sanne klimt Atomic Playboy

On 12/10/2016, in blog, by Enzo

Vier dagen had ze ervoor nodig. Eén in september en drie afgelopen week.