Video: Red Dirt, Red Rocks

On 06/05/2018, in blog, by Enzo

Boulders:

Enzo – Americana Exotica V10 – Gateway Canyon
Sanne – Monkey Wrench V7 – Red Spring
Enzo – We Need Ice V11 – Ice Box Canyon
Sanne – Spitting Venom V8 – Kraft Boulders
Enzo – Wet Dream Right V11 – Black Velvet Canyon
Sanne – Natasha’s Highball V2 – Black Velvet Canyon
Sanne – Sad Robot V9 – Willow Springs
Enzo – Tilt Shift V9 – Oak Creek Canyon
Enzo – Taurine V9 – Red Spring
Sanne – Ride the White Horse V10 – Willow Springs
Enzo – Atlas Shrugged V12 – Black Velvet Canyon
Sanne – Mr. Moran V7 – Gateway Canyon
Enzo – The Jabberwocky V9 – Pine Creek Canyon
Enzo – Book of Nightmares V11 – Gateway Canyon

 

Video: The Great South East

On 22/04/2018, in blog, by Enzo

Boulders:

Enzo – Bumboy V3 – HP40
Sanne – Genesis V3 – HP40
Enzo – Five-O V9 – HP40
Enzo – Ghetto Superstar V8 – HP40
Sanne – Popeye V5 – HP40
Enzo – Slider V9 – HP40
Enzo – Centipede V4 – HP40
Sanne – Honky Tonkin’ V4 – HP40
Sanne – Golden Shower V5 – Rocktown
Enzo – Blackout V9 – Rocktown
Enzo – Iron Claw Sit V10 – Rocktown
Sanne – Golden Harvest V10 – Rocktown (unfinished)
Enzo – The Orb V8 – Rocktown

 

Utah

On 26/03/2018, in blog, by Enzo

Utah stond niet op onze oorspronkelijke planning. Maar omdat we toch wat tijd over hadden, besloten we de trip naar Moe’s en Joe’s te maken. Met nog vier weken te gaan, begint het einde van onze trip in zicht te komen. In Joe’s Valley ervaar ik hetzelfde als zeven jaar geleden; net als toen is Joe’s de laatste bestemming van de trip. En na maanden klimmen – toen vijf, nu tweeënhalf, maar ik word ook wat jaartjes ouder – begint m’n lichaam moe te worden en neemt de motivatie om hard te klimmen wat af. En ook al is het lekker om iedere dag buiten te zijn, ‘s avonds koelt het snel af en de kou zuigt energie. Ik ben moe en verlang soms even naar een warm huis en een lekker bed, in plaats van de door kou doordringde auto. Maar als dan overdag de zon weer schijnt, stroomt de energie weer een beetje terug m’n lichaam in en hervind ik de motivatie weer om toch op te warmen en iets moeilijks te proberen.

Toadstool V5 in Super Mario Land, vlakbij Moe’s Valley. Een niet zo’n hele mooie boulder op een super uniek blok.

In Moe’s is Sanne snel succesvol. Gription V9 lukt in twee sessies. Hier klimt ze Habitat for Humanity V7, ook in Super Mario Land.

Toch gaat het niet meer van harte. Zeker in Joe’s merk ik dat het einde nadert, m’n motivatie daalt en ik fysiek op raak. Beyond Life Sit lukt nog snel, maar daarna vind ik lang geen geschikt project. Veel boulders zijn kort en hebben hele kleine randjes of rare pockets die ik niet kan houden, ook al zijn de condities perfect. En dan ontbreekt de motivatie om door te gaan. Een beetje afschakelen dan maar en in plaats van V11’s probeer ik V10’s en V9’s. Soms lukken ze, soms ook niet… Meestal is het één sessie en één boulder per dag. Lange dagen zitten er niet meer in.

Kou in Joe’s; een bevroren Joe’s Valley Resevoir.

Beyond Life Sit V11. Zeven jaar geleden klom ik de staande start. De bewegingen was ik nog niet vergeten. Mooi om daar nu de zitstart aan toe te voegen.

In alle gebieden die we aandoen (behalve de South East) heb ik al meerdere weken geklommen. De toegankelijke klassiekers hoef ik dus niet meer en ik kan me focussen op de moeilijkere dingen. Toch blijft keuzes maken lastig, zeker zo ver van huis. Ik merk dat ik de hele trip al – net als zeven jaar geleden – liever kies voor de voor V10’s, V11’s en misschien een keer een V12 als de lijn me echt aanspreekt, dan voor de nog moeilijkere dingen. Liever iets dat ik in een paar sessies kan, dan dagen in één boulder steken. Maar hoe kom je daar achter? Na één sessie maak ik meestal al de afweging; hoe kansrijk acht ik mezelf? Gaat dit lukken in drie, vier sessies max? In Joe’s was het antwoord vaak ‘nee’. De één na de andere boulder verdwijnt van m’n lijst. Soms alsnog tricky. Het weer, m’n huid en algehele vermoeidheid spelen ook nog een rol. Maar ja, ik moet keuzes maken. Soms is klimmen net werk.

Sanne gaat er nog vol voor. Playmate of the Year V9 lukt in één sessie.

Fingerhut V10 is een ander verhaal. Acht sessies verdeeld over tweeënhalve week. Op de allerlaatste ochtend lukt het na een sessie van vier uur nét niet…

Uiteindelijk pers ik er toch nog wat mooie en moeilijke boulders uit in Joe’s. Zoals Black Dahlia. Een onverwachte reuzezwaai aan de eindgreep hoog boven de grond, die me overal had kunnen neerzetten behalve op de twee pads eronder… Het ging weer eens goed! En Counter Clockwork. Een relatief nieuwe boulder, zonder pockets en zonder kleine randjes. Toch nog een V11. Een kleintje misschien, maar toch lekker zo aan het eind van de trip. Op m’n laatste klimdag sprokkel ik al m’n energie bij elkaar en klim ik V6 tot en met V10. Een goede afsluiter van Joe’s.

De zwaai in Black Dahlia V10. Eén van de mooiste boulders die ik deze trip klom en zeker m’n nieuwe favoriet in Joe’s.

The Flu, een nieuwe sector in de Right Fork. Sanne probeert The Flu V8. Zandstenen tufas! Mij lukt Gandhi V10.

Terugkijkend op de hele trip ben ik heel tevreden. We moesten het doen met de condities die we hadden. De kou in Horse Pens 40, de hitte in Bishop, pijntjes, motivatiedipjes, bloedende vingertoppen en vermoeidheid: het hoort er allemaal bij. Maar wat is het toch een leuk spel, dat boulderen. Ik klom een heleboel super mooie lijnen. Boulders die me bijblijven en me herinneren aan drie mooie maanden in de VS. Uiteraard hebben we een hoop gefilmd. Zoveel zelfs, dat ik de komende maanden nodig heb om te editten. Onze trip breng ik in vier delen uit: The South East, Red Rocks, Bishop en Moe’s & Joe’s.

Tot slot de laatste lijst van de trip:

28-02 – Indolence V7 – Moe’s Valley
28-02 – Israil V6 – Moe’s Valley
28-02 – Israil Direct V8 – Moe’s Valley
28-02 – Fin Arête V6 – Moe’s Valley
28-02 – Pink Lady V6 – Moe’s Valley
28-02 – Scavenger Soup V9 – Moe’s Valley
28-02 – Loose Cannon V9 – Moe’s Valley
02-03 – Toadstool V5 – Super Mario Land
02-03 – Habitat for Humanity V7 – Super Mario Land
02-03 – Power Up V8 – Super Mario Land
02-03 – Dead Rabbit V10 – Moe’s Valley
——————————————–
05-03 – Beyond Life Sit V11 – Joe’s Valley
06-03 – Mr. Duck V7 – Joe’s Valley
08-03 – Fiery Furnace V10 – Joe’s Valley
08-03 – Hooters V9 – Joe’s Valley
10-03 – Black Dahlia V10 – Joe’s Valley
12-03 – Skeleton Key V10 – Joe’s Valley
16-03 – Counter Clockwork V11 – Joe’s Valley
16-03 – Great White V6 – Joe’s Valley
17-03 – The Flu V8 – Joe’s Valley
17-03 – Seven Year Cicada V9 – Joe’s Valley
17-03 – Gandhi V10 – Joe’s Valley
19-03 – No Substance V8 – Joe’s Valley
20-03 – Feels Like Grit V8 – Joe’s Valley
20-03 – Lowtide V6 – Joe’s Valley
20-03 – Eden V9 – Joe’s Valley
20-03 – Fingerhut V10 – Joe’s Valley
20-03 – Poricini Portabello V7 – Joe’s Valley
——————————————–
24-03 – Bitch Slap 5 V9 – Red Rocks
24-03 – The Alexisizer V6 – Red Rocks
24-03 – Big K V8 – Red Rocks

 

Red Rocks again

On 27/02/2018, in blog, by Enzo

Een dikke week in Red Rocks, met voor mij één highlight: Book of Nightmares. Ik kan me de boulder nog herinneren van zeven jaar geleden. Een mooie, beetje spannende boeg in Gateway Canyon. Ik klom veel boulders eromheen, maar Book probeerde ik toen niet. Iets te moeilijk, dacht ik. Op onze eerste dag in Red Rocks half januari stap ik er wel in. Met je linkerhand klim je op kleine vlakke randjes, met rechts over een raar hoekig randje, een sloper en een sloperrandje. Veel strekken en een rare heelhook. Technisch en toch krachtig. Na een flinke werksessie maak ik alle passen, behalve de eerste. Ik krijg m’n kont niet van de grond in de zitpositie, wat ik ook probeer. M’n huid is al snel heel dun en ik overweeg Book of Nightmares van m’n lijst te halen.

Een dikke maand later zijn we weer in Red Rocks. Ik heb niet veel boulders die ik nog moet afmaken. Nieuwe dingen proberen is het plan. Toch blijft Book of Nightmares in m’n hoofd zitten. ‘Slechts’ 35 minuten lopen, dat is niet ver voor Vegas. En drie sterren, ook niet slecht. Op dag drie ga ik toch weer kijken. Alle passen lukken, ook de eerste. Goed nieuws! Ik heb alleen heel veel moeite met de heelhook van pas twee. Na een sessie van drie uur maak ik die pas slechts één keer. En als ik na een korte rust een poging doe, trek ik een kleine split in m’n linker middelvinger.

De heelhook die bijna nooit blijft liggen…

Na één dag rust is m’n huid nog heel dun, maar ik besluit ik er toch voor te gaan. Als ik ‘m doe, geeft me dat meer tijd voor andere boulders. En als ik ‘m niet doe, kan ik altijd nog twee rustdagen pakken. Toch is de gok tricky; ik moet de heelhookpas een keer of vijftien proberen voordat ik de juiste lichaamspositie ontdek. M’n huid wordt gevaarlijk dun. Na een paar pogingen bloeden m’n toppen nog nét niet en lijkt het me slimmer om te stoppen. Sanne motiveert me om toch nog één poging te doen – en dan echt alles te geven.

Ik had het zelf eigenlijk al opgegeven, maar na een minuut of tien ga ik toch weer zitten. Ik voel het randje met links snijden in m’n huid, maar de hak blijft liggen. De pas naar de sloper is maximaal, maar ook die maak ik. De hardste passen heb ik gemaakt, maar de spannendste moeten nog komen. De landing is niet optimaal, maar gelukkig zijn er meer mensen met pads. Rechtervoet hoog, erop zitten en in het sloperrandje vallen. Op spanning optikken en dan de engste pas: met een slechte heelhook door naar een goede knop. Ik zit op de greep, maar niet zoals ik ‘m hebben wil. Herpakken kan niet meer. Alle knijpkracht aan en ernaast bijpakken. Een schreeuw die tot aan het eind van de canyon hoorbaar is. Tot m’n verbazing blijf ik hangen. Herpakken kan nu wel en ik krabbel de plaat op. Wat een gevecht. M’n vinger bloedt, maar dat maakt niet meer uit. Dat het vandaag toch nog lukt had ik niet verwacht. Soms is doorgaan dus toch beter dan stoppen!

Voet hoog en in het sloperrandje vallen met rechts.

De moeilijkste boulder die ik tot nu toe klom deze trip. De gids zegt V11/12 en de meningen zijn erover verdeeld. Voor mij voelde het harder dan Atlas Shrugged, die wel V12 krijgt. Maar hard V11, waarom niet?

Verder afgelopen week:

18-02 – Sad Robot V9
18-02 – Salt is Salty V10
18-02 – Taurine V9
22-02 – Book of Nightmares V11
25-02 – The Jabberwocky V9

 

Bishop

On 20/02/2018, in blog, by Enzo

De drieënhalve week in Bishop waren zeven jaar geleden de beste weken van mijn trip. Goed weer, een leuke club mensen en veel memorabele beklimmingen. Sindsdien heb ik gezegd dat ik een keer terug wilde. Zeven jaar later is het zo ver. In het donker arriveren we in de Buttermilks. De zandweg is langer dan ik me herinnerde. Het uitzicht de volgende ochtend is nog hetzelfde.

De Buttermilks bij aankomst. Een paar dagen later was de sneeuw al gehalveerd!

Anders dan toen is het weer. De eerste dagen is het rond de twintig graden. Niet lang daarna komen er nog een paar graden bij, tot we uiteindelijk dagen hebben van 27 graden. Veel te heet! Alleen al naar Mandala kijken doet pijn aan m’n huid. Die stel ik daarom weer uit. Ik durf het niet aan, net als zeven jaar geleden. Focussen op één boulder die zo scherp is en met deze temperatuur; dat wordt heel veel wachten en heel weinig klimmen. Dat heb ik in Australië ervaren en dit keer besluit ik die frustratie te vermijden. Eigenlijk wil ik het ritme van Red Rocks vasthouden; snel wat projecten uitzoeken, werken, rusten en dan doen. Maar dat lukt ook niet. Ik klim niet veel en alles kost huid. Al snel kan ik geen bak meer vasthouden. Na twee dagen heb ik wel een plan: verder waar ik zeven jaar geleden gebleven was. Haroun and the Sea of Stories was één van de weinige moeilijke lijnen die ik toen niet kon afmaken…

Sanne is net als ik voortdurend op zoek naar geschikte projecten. Die blijken ook voor haar niet zo snel gevonden. Op dag één de Southwest Arete om te wennen aan de hoogte. Enige tijd later Soul Slinger, met hetzelfde uitzicht.

Wachten tot 16.00 uur tot de zon achter de berg gaat, of om 6.30 uur op om de hitte voor de zijn; het mag allemaal niet baten. M’n huid is zó zacht en de kristallen zijn zó scherp dat ik zelfs in de opwarmers bergen huid verlies. Klimmen doet zoveel pijn dat ik me niet meer kan focussen op de bewegingen, alleen nog maar op m’n handen. Haroun lukt niet en andere achten lukken niet. V9’s lukken niet. En voor de V7’s en V6’en heb ik letterlijk geen huid meer op m’n toppen. Super frustrerend en het voelt zonde van de tijd. Maar toch; kamperen in de Buttermilks is fantastisch. En als je dan toch moet rusten, kan het maar beter warm zijn…

Na een week in de Milks proberen we het in de Happy en Sad Boulders. Minder scherpe rots, dat was een goede zet. Zeven jaar geleden klom ik er nauwelijks. En nog steeds heeft het niet m’n voorkeur boven de imposante lijnen van de Buttermilks. Maar het is fijn om weer een hele dag te klimmen en pas te stoppen als ik echt te moe ben.

In de Ice Caves is het lekker koud. Ok, zeker niet de mooiste lijnen, maar wel harde passen en iets dat ik met mijn zachte huid kan klimmen.

Al met al zijn het toch maar een paar dagen die we in de Tablelands spenderen. En na anderhalve week lukken er toch ook nog wat mooie boulders in de Buttermilks. Ook kom ik er opnieuw achter wat mijn zwakke punt is; frontaal randjes trekken. Net zoals ik kansloos was in God Module, ben ik dat hier. Randjes zijn vaak zo klein en glad, dat je ze heel actief moet vasthouden. Super vingerintensief. En als m’n huid het al volhoudt, willen m’n vingers dat vaak niet. Toch meer moonboarden, misschien…

Toch een paar ‘slopers’ in Seven Spanish Angels.

Sanne is er beter in. Finders Fee lukt in enkele pogingen. Ik kom er na de eerste sessie nog twee keer voor terug, maar ben volledig kansloos. Ook Soul Slinger gaat snel. Die schreef ik na drie pogingen al af, net als zeven jaar geleden. Ieder z’n stijl… De enige boulder die we wel samen klimmen is Cocktail Sauce.

Iets ten noorden van Bishop ligt Rock Creek. Ook daar maken we een uitstapje naartoe. Het ligt een stuk hoger dan de Buttermilks, dus het is er ook kouder. Maar op sneeuw had ik niet gerekend! Als ik wil beginnen met opwarmen, vallen de eerste vlokken. Een uur later ligt er al tien centimeter. Na een nachtje opwarmen bij de Whitmore Hotsprings komen we de volgende dag terug.

Rock Creek, zó koud dat Sanne het vuur al aan heeft voordat de eerste sneeuw valt.

Met een handdoek maak ik twee blokken sneeuwvrij. Dat is nog een spannend klusje, want alles is spekglad. Maar de twee boulders die ik klim waren het wel waard; technisch en subtiel klimmen op Yosemite-achtig graniet. Leuk voor de verandering!

Ima en Colum zijn inmiddels ook van de partij. ’s Avonds opwarmen in de hotsprings en de volgende ochtend weer fris voor de dag!

Rock Creek poging twee. Een flink pak sneeuw, maar met wat doorzettingsvermogen valt er wel wat te klimmen. Hier de Campground Arete.

Na een kleine drie weken vind ik het mooi geweest. Na Rock Creek klim ik nog een middagje in de Buttermilks. Dan drie rustdagen om m’n splits te laten helen en weer een beetje op te laden voor Red Rocks.

Ima en Colum doen van alles een beetje. Een beetje boulderen, een beetje sport en een beetje trad. Hebben wij wat te kijken.

Mijn laatste boulder in Bishop, Solitaire.

31-01 – Hueco Wall V9 – Buttermilks
01-02 – ‪Jedi Mind Tricks‬‬ V4 – Buttermilks
01-02 – Cindy Swank V7 – Buttermilks
03-02 – Shizaam V5 – Sad Boulders
03-02 – Beefcake V10 – Sad Boulders
05-02 – Beefy Gecko V11 – Sad Boulders
06-02 – Cocktail Sauce V9 – Buttermilks
08-02 – Swanky Sit V9 – Buttermilks
08-02 – Drone Militia V6 – Buttermilks
10-02 – Prozac V9 – Happy Boulders
13-02 – Campground Arete V9 – Rock Creek
13-02 – Dude V9 – Rock Creek
14-02 – Solitaire V8 – Buttermilks

 

Red Rocks

On 25/01/2018, in blog, by Enzo

In LA staat Ima’s van klaar, op de oprit van Phi, een vriend van Ima die ze een paar jaar geleden in Squamish leerde kennen. Een dag na aankomst rijden we – ná een Vietnamees ontbijt, met lege maag vertrekken kon echt niet – richting Red Rocks. Ima’s auto rijdt en slaapt nog precies zoals ik me herinner uit Canada. Ondertussen is het een beetje onze familiewagen geworden, want m’n ouders toerden er vorig jaar nog de hele westkust mee rond. Ik was zeven jaar geleden voor het laatst in Red Rocks en Bishop. M’n ouders waren er vorig jaar nog. Wat zou het leuk zijn om deze ervaringen weer met Ron te delen; de plekken en de manier van rondreizen zijn nu herkenbaar voor ons allebei. Maar dan realiseer ik me dat dat niet meer kan… Toch geeft de gedeelde ervaring me het gevoel dat hij nog steeds dichtbij is.

Home away from home. Door de government shutdown was de campground een paar dagen gesloten. Gelukkig vonden we een bivakplek niet ver van Black Velvet Canyon.

Ottolenghi in de van, Sanne draait haar hand er niet voor om.

Zeven jaar geleden was Red Rocks volop in ontwikkeling. De laatste jaren is er ontzettend veel geopend. Maar je moet wel willen lopen, zeker als je geen 4×4 hebt. Ik heb bijvoorbeeld een paar boulders op het oog in Black Velvet Canyon. We proberen de dirt road even met de van, maar als snel blijkt dat we beter om kunnen keren. Dan toch lopen, anderhalf uur heen en aan het eind van de dag anderhalf uur terug.

Toch maar niet… Dan maar te voet.

Red Rocks is lopen, lopen en lopen. Helaas met volle bepakking. Maar toch, als de pads eenmaal liggen ben ik er heel blij mee!

Gateway Canyon, op weg naar Meadowlark Lemon. Bleek moelijker dan dat ‘ie eruit ziet.

Compressie en overhang gaat me goed af. Randjes minder. M’n huid wordt heel snel dun en m’n vinger zeurt een beetje. Ik heb een aantal projecten op het oog die in m’n straatje liggen en die gaan allemaal in één of twee sessies. Dat voelt goed! Sanne heeft minder geluk. Na een paar dagen heeft ze haar project gevonden, maar na een uur werken trekt ze iets stuk in haar hand. De dagen daarop is het wat opgezwollen, maar gelukkig lukt het alweer vrij snel om op slopers te klimmen. Waarschijnlijk ook weer snel op randjes!

Voor de blessure probeert Sanne Bitch Slap 5 V9. Randjes in een dak. Maar wat is ‘ ie lang! Jabberwocky bleek een geschikter project. Tot er iets kraakte in Sannes rechterhand.

Ook ervoor: Monkey Bar Right V6.

En pockets in Monkey Wrench V7.

Daarna noodgedrongen over op slopers. En dan met name liptraverses. Daarin kan ze haar hand goed ontzien. Hier in Mr. Moran V7. Een dag later sneuvelt Ride the White Horse V10.

Meer slopers in Atlas Shrugged V12. Zeven jaar geleden klom ik de staande start. Mooi om daar nu de zitstart aan toe te voegen!

Een uur lopen, maar zeker de moeite waard was Tilt Shift V9.

We Need Ice V11. Mooie rots, maar voor de graad niet zo moeilijk.

En een hele mooie makkelijke: Natasha’s Highball V2.

Red Rocks deel 1 zit erop. Nu richting Bishop, voor een week of drie. Moet ik er toch aan geloven, aan die randjes.

16-01-2018 – Monkey Bar Right V6
16-01-2018 – Monkey Bar Direct V8
16-01-2018 – Americana Exotica V10
17-01-2018 – We Need Ice V11
19-01-2018 – Wet Dream Right V11
22-01-2018 – Atlas Shrugged V12
23-01-2018 – Mr. Moran V7
24-01-2018 – Ride the White Horse V10
24-01-2018 – Tilt Shift V9

 

Southern Sandstone

On 14/01/2018, in blog, by Enzo

Steen en steenkoud. Zo begon onze trip in het zuidoosten van de VS. Een temperatuur van rond de -10 is geen uitzondering. Op onze eerste klimdag ­– oudjaarsdag in Horse Pens 40 – is het ook nog eens zwaar bewolkt. Mensen beginnen spontaan te juichen als de zon zich even laat zien. De dagen daarna is het strakblauw. En dus nóg kouder…

Sanne probeert Bumboy, maar door de droge lucht en de extreme kou heeft ze nul wrijving op de slopers. Uiteindelijk lukt het, toch nog!

Mijn zweethanden brengen me hier meer geluk!

Het gebied is klein, dus we hebben snel overzicht. Ik ben zeer gemotiveerd en begin met Centerpede, Millipede en Bumboy; de beroemde slopers van HP40. Echt uniek en heel erg mooi! God Module volgt niet lang daarna. Dé boulder van het gebied, die ik graag op m’n lijstje zou zetten. Maar het voelt knetterhard. Ik kan halve passen maken, maar het is volstrekt m’n antistijl. Superfrontaal randjes trekken door een zware overhang met slechte treden. Omdat we maar een paar dagen hebben, besluit ik ‘m op de eerste dag al te laten schieten.

We hebben allebei veel moeite om warm te blijven, maar ik ben iets beter bestand tegen de kou dan Sanne. Misschien heb ik ook net wat meer motivatie, want het was mijn idee om hier een tussenstop te maken… Ook de cabin waarin we slapen is koud. De temperatuur komt er nauwelijks boven het vriespunt. Alles is bevroren en de enige manier om op te warmen is je slaapzak in.

Onze ‘rustic cabin’. Alles is bevroren, zelfs binnen. 

Het klimmen is zoals ik had verwacht: geniaal. Veel slopers en bijna alles ziet er mooi uit. Misschien zelfs wel mooier dan Bleau. Alleen véél en veel kleiner en daardoor gaat de kwaliteitsvergelijking toch niet op. Qua formaat is HP40 te vergelijken met één gemiddeld gebied in Bleau, bijvoorbeeld Sabots. Afgezien van God Module zitten er meer mooie ‘moderates’ dan echt harde boulders. Toch vind ik het leuk om de iets hardere lijnen op te zoeken. Maar we hebben maar een paar dagen en ik moet keuzes maken. De kou helpt niet mee. Sessies van twee uur per dag, meer zit er vaak niet in. Want ik moet echt poging na poging doen om warm te blijven. Daardoor word ik snel moe. En herstellen in de kou gaat ook niet zo goed als in een warm huis.

Horse Pens klassiekers: Moon Arete en Mortal Combat. 

Op dag twee is m’n huid al bijna door. Uiteindelijk klim ik twee 7c’s en op dag drie nog zoveel mogelijke klassiekers. Twee rustdagen daarna zijn nodig om weer fris te zijn voor Rocktown. Dé klassieker van Rocktown is Golden Harvest. En daarvoor heb ik wel wat huid nodig…

Golden Harvest, hij is zo mooi als ‘ie eruit ziet. Sanne maakt meer kans dan ik.

Fris in Golden Harvest dus. Ik probeer, maar krijg de voetverklemming slechts één keer goed gelegd. Daarna kom ik er keer op keer uit. Op dag twee kom ik nog een keer terug, maar besluit al snel dat ik beter andere boulders kan gaan doen. We hebben immers maar drie klimdagen. Sanne maakt meer kans dan ik en zet wél door. Drie dagen in Golden Harvest en iedere dag progressie. Dat de boulder binnen haar bereik ligt is duidelijk, maar de tijd dringt. Na drie dagen klimmen moet de energie van diep komen. Helaas lukt afmaken net niet. Moeten we aan het eind van de week toch nog een keer terug naar Rocktown.

Hoog inzetten of op safe spelen; ik vind het altijd lastig om keuzes te maken in een nieuw gebied. Zeker als je zo weinig tijd hebt. Twee weken in de South East, waarin we HP40, Rocktown én Little Rock City willen zien. Ga je door of stop je meteen als iets niet snel lukt? En is een dag investeren de moeite waard, als je er maar een paar hebt? Ik besluit toch om voor de quick wins te gaan en per gebied de krenten uit de pap te vissen.

Ook mooi, Iron Claw Sit. Sommige grepen hebben een iets grovere korrel, maar deze zou zo in Bleau kunnen liggen.

Naarmate de dagen vorderen, wordt het ook minder koud. Overdag is het rond het vriespunt, maar in de zon is het heerlijk klimmen. En over de wrijving op de slopers hebben we niet te klagen. Bovendien zitten we in een motel in het nabij gelegen LaFayette. ’s Avonds opwarmen en warm slapen is een luxe vergeleken met de cabin! Het enige dat ondanks de warmte niet snel herstelt is m’n huid. In plaats van de geplande drie dagen, klim ik er maar twee in Rocktown. M’n vingers zijn diep roze en ik wil ook nog wat doen in Little Rock City.

Nog meer slopers in Blackout, nog steeds in Rocktown.

Onze tweede week begint met wat regen. En de dagen erna stijgt de temperatuur gigantisch. Van -10 in Horse Pens naar +15 in Little Rock City. Het zandsteen hier lijkt op dat van Bleau. En niet alleen qua structuur… De warme lucht buiten in combinatie met de rotsen die nog koud zijn, zorgt voor condens. Dagenlang is heel Little Rock City zeiknat. Toch proberen we het iedere dag opnieuw.

Regen in combinatie met vrieskou geeft gladheid. De dagen daarna zet de dooi in. Alles zeiknat…

Het gebied ziet er heel mooi uit. En de trip zou compleet zijn als we ook in LRC de kans hadden om de klassiekers te klimmen. Helaas komt het er niet meer van. De eigenaren van LRC – het gebied ligt op het terrein van een golfbaan – zijn eerst wat nors tegen ons. We mogen niet kijken of de blokken droog zijn, zonder toegang te betalen. Later worden ze wat milder en kunnen ze hun verbazing niet onderdrukken: “Ya came all the way out from Europe to see wet rocks!?”

Ook als we dieper Tennessee in rijden om de boulders bij Dayton te bekijken, komen we bedrogen uit. Zelfs Vapor Lock Roof, een dak dat droog blijft in de regen, is zeiknat. Klimmen kunnen we in onze laatste week wel vergeten.

Op zoek naar boulders rondom Dayton.

Uitzicht over de Tennessee River vanaf Edward’s Point net buiten Chattanooga.

Twee weken klimmen in het zuidoosten van de VS werd één week. De tweede week hangen we wat rond in Chattanooga en doen wat wandelingen, maar echt veel is er niet te doen. Maar dan – na zes dagen niet klimmen – is er ineens toch nog een sprankeltje hoop. Na twee regendagen daalt de temperatuur ineens flink. Onze laatste dag; we hadden vooraf al gepland om de dag voor vertrek terug te gaan naar Rocktown. En jawel, het is weer ijskoud en de rots is droog.

Helaas lukt het Sanne niet om Golden Harverst af te maken. Ik probeer het ook nog een paar keer, maar besluit dat ik liever meters wil maken na een week stilzitten. Moeten we toch nog een keer terug… Achteraf hebben we misschien wel geluk gehad met de kou in onze eerste week. Het was in ieder geval droog. Morgen vliegen we de Californische zon tegemoet. Het weer in het westen ziet er gelukkig een stuk stabieler uit!

Tot slot de lijst: 6 klimdagen, 31 boulders. Omdat alles mooi is, zonder vanaf-waardering.

31-12-2107 – Centerpede V4 -HP40
31-12-2107 – Millipede V5 -HP40
31-12-2107 – Bumboy V3 -HP40
31-12-2017 – Slider V9 – HP40
02-01-2018 – Five-O V9 – HP40
02-01-2018 – Moon Arete V6 – HP40
02-01-2018 – Sideline V5 – HP40
02-01-2018 – Mortal Combat V4 – HP40
02-01-2018 – Ghetto Superstar V8 – HP40
02-01-2018 – Genesis V3 – HP40
02-01-2018 – Trick or Treat V6 – HP40
05-01-2018 – Golden Shower V5 – Rocktown
05-01-2018 – Iron Claw V7 – Rocktown
05-01-2018 – Iron Claw Sit V10 – Rocktown
06-01-2018 – Little Bad Boulder V5 – Rocktown
06-01-2018 – Blackout V9 – Rocktown
06-01-2018 – The Orb Direct V9 – Rocktown
06-01-2018 – The Orb V8 – Rocktown
06-01-2018 – Standard Deviation V6 – Rocktown
06-01-2018 – The Comet V7 – Rocktown
06-01-2018 – The Comet Sit V8 – Rocktown
06-01-2018 – Helicopter V6 – Rocktown
06-01-2018 – Helicopter Trav. V8 – Rocktown
13-01-2018 – Vagina V7 – Rocktown
13-01-2018 – Burst of Joy V8 – Rocktown
13-01-2018 – The Price is Right V8 – Rocktown
13-01-2018 – Too Many Cooks in the Kitchen V9 – Rocktown
13-01-2018 – Panty Dropper V8 – Rocktown
13-01-2018 – Nose Candy V6 – Rocktown
13-01-2018 – Sherman Photo Roof V7 – Rocktown
13-01-2018 – Sherman Cave Trav. V9 – Rocktown

 

Winter in Bleau

On 17/12/2017, in blog, by Enzo

Over een kleine twee weken vliegen we voor drie maanden naar de VS. Eerst klimmen we twee weken op het zandsteen rondom Chattanooga. Daarna vliegen we door naar de westkust en hebben we nog tweeënhalve maand in Bishop en Red Rocks. Ik weet dat het mooi gaat worden. Maar m’n hoofd is nog niet zover. Datzelfde geldt voor Bleau. De afgelopen maanden waren we er veel. En dat deed me altijd goed, ook al klom ik niet altijd lekker. Hoe ik klim heeft voor een groot deel te maken met hoe ik me voel. En dat dat nu anders is dan anders, daar heb ik vrede mee.

Ik voel me goed, maar ook nog vaak onrustig, waardoor ik focus mis. Ben snel afgeleid, denk veel na over alles wat er is gebeurd, welke impact dat heeft op mij en wat de beste manier is om ermee om te gaan. Soms gaat dat op de automatisch piloot. Andere keren bewust. Het lukt me niet altijd om m’n hoofd leeg te maken, ook niet tijdens het klimmen… In oktober voelde het klimmen confronterend, maar ook heel bevrijdend. Na alle hectiek kon ik mezelf terugvinden. In de week in november lukte niks. Het weer speelde daarin zeker een rol. Maar ik zat ook niet lekker in m’n vel en klom niet lekker. De score van negen dagen Bleau was toen één 7atje. Dat gebeurt me nooit.

Afgelopen week was gelukkig beter. Projecten, klimmen, nadenken. In het bos zijn en doen wat ik het liefste doe. Het weer zat wederom niet echt mee. Maar tussen de buien door kunnen we best veel klimmen. Taipan stond hoog op m’n lijst om af te maken, maar daar was het te nat voor. We klimmen veel op Rempart en mede daardoor heb ik er inmiddels al een handvol sessies opzitten in Khéops. Mijn nieuwe langetermijnproject! Ik vind het bijna jammer om naar de VS te gaan. De winter in Bleau is ook zo mooi.

Sanne bleef de afgelopen maanden werken in Noir Désir en klom daarmee afgelopen week één van haar moeilijkste boulders ooit! Verder nog beeld van Sanne in Carnage en Pagota en van mij in Freestyle en Saruman.

Slechts twee passen, dat is lastig projecten. De eerste lukt. De tweede met een heel klein duwtje. Een pas op m’n max en een echte ‘beweegpas’. Dat is wel werkbaar!

Zeven jaar geleden ging ik voor het eerst naar de VS en de eerste klimmer die ik daar ontmoette was Nuno. Na klimmen in Bishop, Rocklands en de Grampians moest het er eens van komen: Nuno in Bleau. Jammer dat we maar anderhalve klimdag samen hebben.

Gestructureerd trainen doe ik nooit. Mezelf voorbereiden op een trip wel. Vooral door veel te klimmen, in vorm te komen en me mentaal voor te bereiden op boulders die ik wil klimmen. Voorpret is altijd een groot deel van het plezier. M’n vorm is niet slecht, maar m’n hoofd is nog totaal niet in de VS. Volgende week komt Ima voor tien dagen terug naar Nederland. Vijf dagen daarvan zijn we nog in Bleau; eigenlijk zoals ieder jaar met de familie. Alleen dit keer met z’n drieën. Anders dan anders. Een paar dagen later vliegen we. Eenmaal daar komt het met de focus wel goed. Daar ben ik zeker van.

 

Fontainebleau, 22 oktober ’17

On 24/10/2017, in blog, by Enzo

Het is vandaag precies drie weken geleden dat m’n vader overleed. Op 1 oktober, volkomen onverwacht uit het leven gehaald. Terwijl hij er zo van genoot, in Zuid-Frankrijk. De afgelopen weken waren de meest intense, emotionele en hectische weken die ik ooit heb ervaren. En nog steeds realiseer ik me niet helemaal wat er allemaal is gebeurd. Halsoverkop ben ik op 2 oktober naar Nice gevlogen. Ik wist dat hij in coma lag en niet meer aanspreekbaar zou zijn. Maar alsnog kom ik te laat – of eigenlijk; de doktoren waren te vroeg. De apparatuur is uitgezet.

De laatste keer dat ik m’n vader zag was drie weken daarvoor, in Bleau. Op zaterdagavond kwamen Ron en Mirjam aan en op zondagmiddag – onze laatste klimdag – wandelen ze mee naar Furtif. Tot mijn verbazing klim ik ‘m die middag. M’n vader maakt er een filmpje van op mijn iPhone. We zijn laat klaar, lopen snel terug, zeggen gedag en zouden elkaar een kleine vier weken later weer treffen, wederom in Bleau.

Het mortuarium is een aftandse plek, hoog op een berg, uitkijkend over Nice. De ziekenhuiskleding, de brancard, het vieze kamertje en de dikke vlieg die af en toe op zijn gezicht wil landen, zorgen voor beeld dat ik nooit meer vergeet. Ron is er niet meer, maar lijkt nog zo dichtbij… Alleen gaat er vandaag geen oog open. Nooit meer. Weggaan kan bijna niet. Maar het moet. Het huis in Peymeinade afsluiten. Wegrijden. Via Bleau, waar hij ook nooit meer komt, naar Nederland. Ima komt terug vanuit Vancouver. En een dikke week na zijn overlijden komt Ron thuis. Bijna vier dagen tot de crematie is hij bij ons. Thuis in Wijchen. We zijn er weer met z’n vieren en nemen ‘m voor altijd met ons mee.

Wat hij wilde is Ima en mij zoveel mogelijk vrijheid geven. Loslaten. En ons allebei onze eigen weg laten gaan. Met het volste vertrouwen dat het wel goed zou komen. Die vrijheid vonden we allebei. In het klimmen in de eerste plaats.

Een week na de uitvaart rijden Sanne en ik naar Bleau. Ik merk dat ik het lastig vind een balans te vinden tussen ‘gewoon doorgaan’ en stilstaan. Ik heb ondertussen alweer vier dagen gewerkt. Dat voelde goed. Maar ook bijna alsof er niets is gebeurd. Als je het gewone ritme ineens weer oppakt, lijkt alles zo normaal, terwijl in die weken daarvoor m’n leven volledig op z’n kop stond. Wat is goed, wat is normaal? Ik weet het niet. Klimmen voelt in ieder geval goed. Het voelt niet als ‘doorgaan’, maar ook niet als ‘stilstaan’. Ik had het anders ook gedaan – de week Bleau stond al gepland – maar nu voelt het haast als therapie. Iets dat veel in me losmaakt. Iets dat me helpt in het verwerkingsproces.

De eerste boulder die ik klim is precies drie weken na 1 oktober. Een mooie boulder proberen raakt me altijd. Bijna altijd is er emotie. En bijna altijd is dat plezier. Lachen. Genieten. Soms even balen, om snel daarna in te zien hoe mooi het spelletje is. En er weer om te lachen. Maar dit keer zit er wat anders in me. De boulder is Pagota. Op het moment dat ik de eerste klimbewegingen maak, komt m’n gevoel bovendrijven. Ik voel de spanning die in me zit en hoe die eruit moet. Het maakt niet uit…

Ga ik wel door? Of zal ik stoppen? Het maakt niet uit… Een half uur later begin ik toch met pogingen. Veel te gespannen. Ik klap onverwacht van greepjes. Maar het maakt me niet uit. Ik krijg het koud, maar ook dat kan me niet schelen. Ik ben er met m’n hoofd niet bij. Maar niks maakt me vandaag wat uit. En dan, weer een poging later, komt er een rust over me heen. Volledig ontspannen maak ik alle passen. En moeiteloos klim ik ‘m uit.

Er is verder niemand in Coquibus. De zon schijnt door de herfstbladeren. Maar nooit meer kan hij het zien. Nooit meer sjouwt hij met een (eigenlijk iets te zware) Mondo op z’n rug achter me aan. Nooit meer zal hij me kunnen spotten in een spannende highball, zoals in Tailleur des Mensonges. Of trots kunnen zijn op een beklimming, zoals die van Partage. Het was mijn wereld, maar Ron en Mirjam vonden een manier om ervan mee te genieten. We zagen elkaar misschien wel meer in Bleau dan in Nederland. In meer dan 16 jaar zijn ze meegegroeid in het boulderen.

Ik ga door. Natuurlijk. Als ik klim is hij dichtbij. Voor altijd.

 

First day, last day

On 15/09/2017, in blog, by Enzo

Voor september stond er maar één ding op de planning voor Sanne: Cica klimmen. Na de val van de laatste pas eind april, was ons seizoen over. Pas in augustus zijn we weer terug. In de hitte verkent Sanne de passen opnieuw. Die zitten er nog goed in. Het lukt net niet, maar dat het in september gaat lukken is een kleine zekerheid.

Begin augustus doe ik het rustig aan. Ik klim veel tot 7b maar probeer niets moeilijker. Ik wil m’n vinger en elleboog de kans geven om weer rustig te helen. Ook in de hal zit ik nog dan nog niet op m’n max ­ − na m’n zomerstop − dus buiten wil ik niets forceren. Voor september heb ik meer plannen.

Never Last! 7a in Mont Sarrazin begin augustus.

Mijn doel voor september is wat nieuwe projecten verkennen en er hopelijk één mee naar huis nemen. M’n vinger voelt steeds beter en ik durf steeds meer. Met m’n elleboog moet ik nog even voorzichtig zijn. Maar het voelt oké, als ik maar de juiste boulders uitzoek. We hebben elf dagen. Genoeg tijd om wat investeringen te doen en wat dingen klaar te zetten voor het najaar. Op m’n lijstje staan Elephunk en Furtif droite. Met die laatste begin ik op de eerste dag. Eén pas lukt me dan nog niet…

Dan is het Sannes beurt. In de namiddag komen we aan bij Cica. Opwarmen, wat linkjes maken en dan de eerste poging. Helaas schijnt de zon vol in de boulder. Met een startmat boven m’n hoofd, kan ik ‘m net eruit houden. Dat helpt. Het begin mis ik volledig, maar als Sanne de hoek om komt, zie ik dat het goed gaat. En jawel, eerste dag, eerste poging. Wat een bevrijding, na dertien sessies in totaal!

De dag erna heb ik een goede sessie in Elephunk. En later die week maak ik alle passen van Furtif. Tussendoor krijg ik nog een nieuw project. Omdat het te warm is om Furtif af te maken, probeer ik Pagota. Ook dat gaat goed. Afmaken lukt me net niet, maar in oktober gaat dat wel lukken. En ook Sanne heeft er met Pagota een nieuw project bij!

Nog even een 7c meepakken: El Dorado in Montrouget.

De laatste twee dagen van de trip ga ik terug naar Furtif. Vooraf had ik bedacht dat het mogelijk zou zijn die in een week te klimmen. In de hal word ik weer fitter dus met wat werk zou 8a ook wel weer moeten lukken. Sessie drie op de voorlaatste dag. Helaas is het begin nat, maar ik maak goede links. Op de laatste dag sessie vier. Een paar keer kom ik eruit in de 7b. En dan lukt het toch nog. Laatste dag, laatste poging. Dat rijdt lekker terug naar huis!

Furtif droite, de poging waarin het lukt.